Van België via Antwerpen naar Nederland

 

Reisverslag 2015/3

Ons tweede reisverslag heb ik vanuit de jachthaven in Geel (België) aan jullie gezonden. Ik vergat te melden, dat op weg naar Geel de boegschroef het begaf. De afgelopen dagen had de breekpen het ook al eens begeven en dat was nu ook het geval. Nadat Hans de breekpen vervangen had, bleek de boegschroef het nog steeds niet te doen. Alle zekeringen bekeken en alles doorgemeten. Daar lag het niet aan. Dus de motor van de boegschroef eruit gebouwd en de reservemotor erin. Dat is nog een heel gedoe, omdat het relais van de ene motor op de andere overgezet moet worden. Toen bleek de boegschroef het nog steeds niet te doen. Uiteindelijk bleek het te zitten in de electrische leiding van de aan/uit knop. Dat heeft Hans opgelost door de knop uit te schakelen en een rechtstreekse verbinding te maken.

 

Donderdag 6/8 van Geel via drie sluizen naar de jachthaven van Lier gevaren. Lier zou de moeite waard zijn. Het was heel mooi en warm weer. De boegschroef doet het goed! De volgende dag naar het centrum van Lier gelopen. Vanaf de jachthaven ong. 2 km.  Bloedheet weer, maar een mooie, oude stad. Het Begijnhof is een typisch 13e eeuws stratenbegijnhof met 11 straatjes en 162 huisjes. De monumentale Begijnhofpoort geeft toegang tot het volledig omsloten begijnhof. Centraal gelegen vind je de St. Margaritakerk (17e en 18e eeuw), opgetrokken in een sobere barokstijl met rococo-elementen. Biertje op terras, even uitpuffen. Daarna de Grote Markt bekeken met het prachtige gotische Belfort, in 1369 gebouwd als symbool van de onafhankelijkheid van de stad. Vlak ernaast staat het prachtige stadhuis. Lier kende perioden van grote welvaart, vooral dankzij de bloeiende lakenhandel in de 13e en 14e eeuw. De vroegere lakenhal wordt in 1740 verbouwd tot een statig stadhuis in Brabantse rococostijl. Het interieur is weelderig met een imposante wenteltrap en opvallende plafondschilderingen in de raadzaal. Midden op de keitjes van het Grote Marktplein bevindt zich de meridiaan van Quetelet (1796-1874). Wiskundige Quetelet gebruikte een hoek van het stadhuis als naald voor zijn zonnewijzer. Wanneer de zon op zijn hoogste punt staat, vormt de scheidingslijn tussen licht en schaduw de meridiaan.

Nog de St. Jacobskapel bekeken, ook op de Grote Markt, mooi en intiem. Dan op naar “Het huis van Oscar”, een kunstschilder uit Lier. Oscar van Rompay (1899-1997) heeft zijn woonhuis, dat gigantisch groot is en middenin het centrum ligt en zijn hele oeuvre aan een stichting nagelaten. Het 19e -eeuwse pand is ingericht met het authentieke meubilair en hangt vol schilderijen en tekeningen van de schilder. Hij schilderde stillevens, landschappen, bloemen, portretten, naakten en scènes uit het circus. Prachtig! Omdat hij welgesteld was, verkocht hij niets van zijn werk. Alles bevindt zich in dat huis en in de opslag. Bij het huis hoort een gigantische stadstuin, deels siertuin, deels fruit- en groentetuin, die samen met het huis een beschermd monument is.  De tuin is een oase van rust en vormt een uniek voorbeeld van traditionele tuincultuur in een Vlaamse binnenstad.

 

Daarna de bekende St. Gummaruskerk bezichtigt. Ridder Gummarus is de patroon van Lier. Tijdens zijn leven heeft hij veel wonderen verricht. Hij stierf in 714 en werd veertig jaar later, in 754, heilig verklaard. De kerk is enorm en heel mooi, vooral het altaar en de uit hout gesneden preekstoel.

 

Omdat het zo warm is en we nog een stuk moeten lopen naar de boot (althans ik, Hans rijdt op zijn elektrische scooter), besluiten we een maaltijdsalade op een terras te eten. Er zijn meer mensen die buiten eten. De terrassen zitten gezellig vol. Op de terugweg gaat het een beetje spetteren, maar de regen zet niet door.

 

Zaterdag 8/8 om goed 11u weg uit Lier. I.v.m. enkele getijdensluizen zijn we afhankelijk van het getijde. Toch moeten we bij sluis Duffel nog een klein uur wachten, omdat er nog niet genoeg water is! Het is weer mooi weer met gelukkig een fris windje. Ideaal vaarweer. Helaas doet de boegschroef het weer niet….. Na de tweede getijdesluis, sluis Dijlte, meren we om 14.45u af aan de passantensteiger van de Mechelse yachtclub, in het centrum van Mechelen. Hans kan het natuurlijk niet uitstaan, dat de boegschroef het weer niet doet en alles wordt weer uit de kast gehaald om het euvel op te sporen. Hans denkt dat het relais dat op de motor van de boegschroef zit het begeven heeft, maar dat blijkt gelukkig niet het geval. Het blijkt nu de reservemotor te zijn en moet de gewisselde motor er weer in. Dus relais eraf bouwen en weer op de andere motor zetten en ja ja, de boegschroef doet het weer. Inmiddels waait er keiharde muziek in onze oren en besluiten we de stad in te gaan om iets te drinken en te kijken waar de muziek vandaan komt, want je hoort het heel hard op de boot. Het blijkt een vispop-festival te zijn  met twee grote podia en een enorme versterker installatie. Als je erlangs loopt kun je elkaar niet meer verstaan. Waarom moet alles toch altijd zo vreselijk hard of word ik oud???

 

Van onze buren in de jachthaven horen we, dat het pop festival tot 01.30u gaat duren, dus doen we maar oordopjes in als we gaan slapen en dat heeft goed geholpen. Nu is het zondagmorgen en werk ik dit reisverslag bij na het ontbijt met een gekookt eitje en verse koffie. Straks gaan we Mechelen echt bezichtigen.

 

Het is bewolkt, af en toe zon en ook af en toe een heel licht buitje. We lopen naar de St. Rombouts kathedraal en imposante kerk, die op de Unesco Werelderfgoedlijst staat. Ook het stadhuis en het Schepenhuis zijn prachtige bouwwerken. Dan lopen we naar het paleis van Margareta van Oostenrijk. We kunnen er niet in, want heden ten dage is het het Paleis van Justitie. Er is wel een fraaie binnentuin, waar we in mogen. Dan bezoeken we nog de St.Pieter en Paulkerk en de Brusselpoort. Moe strijken we neer op een terrasje om iets te drinken en eten daarna een heerlijke pizza bij een Italiaan op een door oleanders omgeven terrasje.

Maandag 10/8 is het warm en zonnig en kunnen we pas om 14u weg uit Mechelen i.v.m. een getijdesluis, waar we door moeten, nl. sluis Dijle. We hebben daarna het tij mee op de rivier de Rupel, die erg mooi door het landschap slingert. De Rupel komt uit op de Schelde, waar we ook het tij mee hebben en lekker hard richting Antwerpen varen. Alles verloopt voorspoedig, tot we door de Kattendijksluis in Antwerpen willen. Vlak daarachter ligt de jachthaven. Via de sluiswachter horen we, dat er tijdens eb door het lage water niet geschut kan worden en dat we de Schelde een stukje verder moeten afvaren tot de Royersluis. Dit is een heel drukke sluis, waar heel veel vrachtschepen door schutten. Na onze lengte en breedte en ons fiscaal nr. opgevraagd te hebben, deelt de sluiswachter ons mee dat we stand-by moeten staan met de marifoon om nadere instructies van hem te krijgen. We hebben uiteindelijk bijna twee uur rondjes op de Schelde voor de sluis gevaren tot we toestemming kregen achter drie vrachtboten de sluis in te varen. We gingen om 18.30u de sluis binnen en gingen er pas om 19.20u uit. Daarna moesten we nog drie kwartier wachten op een opening van de Londonbrug die voor de jachthaven, het Willemdok, ligt. Om 20.25u meerden we pas af in een overvolle haven, waar we vijf jaar geleden voor het laatst lagen. Toen was het aanmerkelijk minder druk en er lagen niet zoveel enorme poenerige jachten!

 

De volgende dag gaan we Antwerpen in. Het is grauw, bewolkt en drukkend. ’s Morgens is het al 25o. We bekijken de O.L.V. kathedraal, de grootste gotische kerk van de Nederlanden, die voltooid werd in 1521 na een bouwperiode van 170 jaar! De noordertoren, 123 meter hoog, beheerst de skyline van de stad. Daarna lunchen we op een terrasje. Dan lopen we naar Museum Plantin-Moretus. Plantijn had midden 16e eeuw de eerste drukkerij met handdrukpersen ter wereld en is uiterst arbeidzaam geweest. Hij had een enorm huis (nu museum), waar de letters werden gegoten en gezet en een zaal met een hele rij drukpersen. Hij had veel mensen in dienst en heeft veel wetenschappelijke werken gedrukt. Het is een imposant museum. Het huis, de werkplaats, de drukkerij, de meubels alles is nog in originele staat. Zelfs zijn slaapkamer met de bedstee is er nog. We waren onder de indruk. Maar ook veel dorst gekregen, want het was binnen warm en benauwd. Dus maar weer een biertje op een terrasje en daarna terug naar de boot, een hele wandeling.

 

Woensdag 12/8 hadden we afgesproken met mijn vriendin HarrIët, die in Antwerpen woont. Na een lange rit met de bus, werden we door haar met koffie en een heerlijk gebakje ontvangen. Gezeten op haar Italiaans aandoende terrasje  moesten we uiteraard bijkletsen. Na een heerlijke lunch gingen we gedrieën met de tram naar de Kloosterstraat, een straat met antiquairs en bric-a-brac winkeltjes. Heel veel mooie en leuke dingen gezien en voor een prikkie twee beeldige schemerlampjes op de kop getikt. Het was heel warm weer, dus maar weer uitpuffen op een terrasje en aan het eind van de middag weer met de tram naar haar huis. Geborreld en heerlijk gegeten op haar terrasje. In de loop van de avond weer terug met de bus naar de boot.

 

De volgende dag wilden we eigenlijk verder varen, maar Hans had wat technische klusjes te doen, dus besloten we nog maar een dagje te blijven. Na wat boodschappen bij Delhaize, gaan we naar het MAS, het nieuwe Museum aan de Stroom dat op de kop van de haven staat. Vijf jaar geleden, toen we hier ook lagen, was het nog in aanbouw. Het MAS is een ontwerp van het Nederlandse bureau Neutelings Riedijk Architecten. Hun “stapelhuis” haalde het van 55 inzendingen uit de hele wereld. Het MAS is veel meer dan een museum: er zijn museumzalen, een kijkdepot, een wandelboulevard, het panorama op het dak van de negende verdieping, een museumplein, paviljoens…

 

Wij bekeken de scheepvaartafdeling en een prachtige collectie voorwerpen (sieraden, vazen, beelden) van de Azteken, de Maya’s en andere volken. Werkelijk schitterend. Daarna naar de 10e verdieping, het panoramadak. Je kunt rondlopen en Antwerpen van alle kanten zien. Zo mooi. We zagen onze boot als een notendopje in de diepte liggen! Je kunt van verdieping naar verdieping met enorme roltrappen. We hebben er 18 gehad, 9 naar boven en 9 naar beneden! Van de 9e naar het panoramadak is er een trap!

 

Het was die dag erg warm en benauwd, dus besloten we wat te drinken op een terras en een maaltijdsalade te eten. Intussen werd de lucht steeds donkerder en de kelner zei, dat er vanuit Frankrijk noodweer op komst was dat tegen 8 uur in Antwerpen zou komen. Dus Hans vlug naar de boot gelopen (de haven was aan de overkant van het terras) om alles dicht te maken op de boot en de parasols binnen te halen. Toe we de salade op hadden (erg lekker trouwens en zeer royaal) zijn we vlug naar de boot gelopen, want er kwam een inktzwarte lucht aan. Nauwelijks op de boot barstte er een enorm onweer los met giga hoosbuien. Het donderde en bliksemde rondom. Wel een mooi gezicht. Dat duurde wel een uur en daarna bleef het nog heel lang flitsen. De boot was wel mooi schoon geworden!

Vrijdag 14/8 van Antwerpen via het uitgebreide Antwerpse havengebied naar het Rijn-Scheldekanaal gevaren. Na de Kreekraksluis meerden we om 15.30u af in de jachthaven van Tholen. Na de haven meester betaald te hebben, in dit geval een vrouwelijke, gingen we even Tholen in. We kennen het wel, want dit was de derde of vierde maal dat we er met de boot lagen. Helaas werd het ook weer donker, de lucht dan, en net terug op de boot jawel onweer en veel regen. Zaterdagmorgen eerst boodschappen gedaan en na twee sluizen die min of meer permanent openstaan varen we op de Steenbergse Vliet en daarna op de Dintel. Om 17.45u meren we af in de havenkom van Oudenbosch. Op de kade staat de kermis, dus ’s avonds maar weer oordoppen in.

 

Zondag 16/8 verlaten we de jachthaven van Oudenbosch en varen we op de Mark, een rivier(tje) dat aardig kronkelt. Het landschap is mooi, maar het weer grauw. Na de Mark varen we op het Markkanaal, gaan om 13.45u door de Marksluis en meren een uur later af in de passantenhaven(tje) van Geertruidenberg. We hadden telefonisch een afspraak gemaakt met Bram en Rieky Speijer, die net als wij een Excellent boot hebben, maar een ander type. Toevallig varen we tegelijkertijd het haventje binnen, alhoewel wij uit een andere richting kwamen. Wij nemen de laatste plaats in en zij komen met hun boot, de Excellentie, naast ons liggen waarna we gezellig een wijntje bij hen aan boord gedronken hebben. Zij waren al vanaf mei aan het varen en waren op weg naar hun thuishaven in Waspik. Na hun vertrek nog even het stadje (het oudste stadje van Nederland) doorgewandeld en een lekker ijsje bij een Italiaan gegeten.

 

Maandag 17/8 varen we om goed 10u weg uit Geertruidenberg. We varen op de Donge, steken schuin de Bergse Maas over en varen via de Spijkerboor en het Steurgat dwars door de Biesbosch, waarna we op de Merwede komen. Helaas is het grauw, het regent en het is maar 15o. De Biesbosch ziet er dan ook triest uit. We varen een eind op de Merwede waarna we via de Biesboschsluis op de Nieuwe Merwede komen. Dan nog de Ottersluis en over het Wantij en dan varen we om 14.15u jachthaven Maartensgat in Dordrecht binnen. Het regent aan een stuk door, maar we hebben bijna niets meer te eten, dus gewapend met paraplu’s Dordrecht in. Het is maandag, dus veel winkels zijn dicht maar AH is gelukkig open. We bezoeken ook nog een Pasar Malam op een plein. Veel kraampjes met exotische spullen, maar door de regen valt alles letterlijk en figuurlijk in het water. Ik koop een warme trui want het is zo koud en lopen langs visrestaurant De Stroper om te kijken wat het menu is. Helaas weten ze nog niet wat de vis van het hoofdgerecht is maar we kunnen rond 6u bellen, want dan is de keuken open. Als we bellen blijkt het rog te zijn, dus reserveren we voor alle zekerheid. Dat blijkt een goede zet, want ondanks de maandagavond is het er erg vol. We eten er verrukkelijk, net als 8 jaar geleden. Een 4gangen menu voor € 27,50. Echt topkwaliteit en prachtig opgediend.

Het regent  de hele nacht en dinsdag is het grauw en koud, 14o!! We verlaten Dordrecht om 10u en varen op de Noord en daarna op de Nieuwe Maas, richting Rotterdam. We varen door het Rotterdamse havengebied, het waait hard, er komen grote schepen langs en er staan door de wind vrij hoge golven. We gaan alle kanten op en Minoes dreigt te gaan kotsen, maar ze houdt het gelukkig binnen. Doordat ik ’s morgens alles zeevast heb gezet, gaat er niets kapot, maar het boegwater spoelt over de  boot en de ramen. De ruitenwissers staan permanent aan. We verlaten de haven via de kleine Parksluis, die gelukkig in gebruik is, want de grote Parksluis is gestremd wegens onderhoud. We varen nu op de Delftse Schie en na korte tijd varen we door Delft. We willen daar eigenlijk overnachten, maar gek genoeg zijn er nauwelijks aanlegplaatsen in de stad. Wel heeft Laga, de studenten roeivereniging, een open dag met veel vertier voor het clubhuis en veel roeiboten op het water. We besluiten door te varen naar Den Haag om af te meren in de Laakhaven achter de Haagse Hogeschool, net als vorig jaar. Helaas blijkt de Laakbrug gestremd (groot onderhoud) en kunnen we niet anders dan afmeren in een jachthaventje(de Vlietstreek) op het industrieterrein de Binckhorst. Morgen gaan we naar Philip en overmorgen naar Leiden, een vriendin opzoeken. Gelukkig is het vandaag, woensdag 19/8, eindelijk weer eens wat beter weer. De zon schijnt en het is 22o. Heerlijk!

 

Woensdag 19/8 heel mooi weer. Met openbaar vervoer naar Philip geweest. Was gezellig. Hadden hem een tijdje niet gezien. Donderdag 20/8 van Den Haag via het antieke sluisje in Leidschendam, gadegeslagen door overvolle terrassen, naar Leiden waar we om goed 15u afmeerden in jachthaven Leiden, middenin het centrum. Het was heel warm, maar toch maar de stad in. Enkele kerken gefotografeerd en op een terrasje beland. We besloten een hapje te gaan eten in het restaurant op de kop van de haven, waar we met de boot voor lagen. Het was te warm om aan boord te koken. Helaas waren er meer mensen op dat idee gekomen. Het zeer grote terras was overvol en we moesten tot ong. 8u wachten voordat er een tafeltje vrij was. Het restaurant, Lot en de walvis genaamd, is kennelijk erg in trek, want het bleef tot heel laat  rumoerig op het terras. Dus maar weer oordoppen in!

Vrijdag een koffie-en lunch afspraak met mijn jeugdvriendin Lucie, die op de Oude Vest woont, niet ver van de boot. Ze woont daar in een beeldig hofje, waar je al het rumoer en de drukte van de stad helemaal niet hoort. We zijn door haar verwend met heerlijke dingen en hebben bijgepraat. Zaterdag 22/8 van Leiden via het Brasemermeer op de Drecht gevaren en na de Tolhuissluis meren we  voorbij Uithoorn en niet ver van Nes a/d Amstel af op een passantenligplaats. Helaas is het er heel onrustig. De ene sloep na de andere en de ene motorboot na de andere komt uit de richting van Amsterdam en bijna allemaal hebben ze een grote vlag achterop met het woord SAIL erop. Ze zijn naar Sail in Amsterdam geweest en varen weer terug, nogal hard en ze maken grote golven. De boot gaat onophoudelijk heen en weer en dat is lastig als je moet koken! Het gaat de hele avond door, zelfs als het al donker is en ook na twaalven varen ze nog!

 

Zondag 23/8 varen we de Amstel af, richting Amsterdam. De Amstel is een mooie rivier die behoorlijk kronkelt. We varen via Nes a/d Amstel, Ouderkerk a/d Amstel, Amsterdam en Duivendrecht, we steken het Amsterdam-Rijnkanaal over en varen Weesp binnen. Het is heel mooi weer, maar het waait verschrikkelijk hard en dat blijft de komende dagen zo. We besluiten via de randmeren naar huis te varen. Morgen naar Harderwijk.

 

Van Weesp via de sluis in Muiden (het Muiderslot) een stuk het IJsselmeer over. Het waait hard, maar we rollen niet al te erg. Via de randmeren zien we uit de verte al de enorme koepel van bet Dolfinarium. Vlak naast het Dolfinarium is de jachthaven waar we naar toe willen. Er komt een inktzwarte lucht en we hopen nog voor de bui te kunnen afmeren, maar dat lukt ons niet want we moeten eerst vastmaken aan de meldsteiger, ons dan melden bij de havenmeester, betalen en dan krijgen we een plaats toegewezen. Het regent behoorlijk, maar de lucht trekt voorbij, het wordt droog en het zonnetje gaat schijnen. Het ziet er vriendelijk uit en omdat we zin in vis hebben, wat je natuurlijk hier moet eten, lopen we door één van de twee bewaarde stadspoorten en eten een heerlijke zalmschotel. Tijdens de maaltijd (wij zitten binnen) breekt er een enorme bui los. Het is een groot plein omgeven door restaurants met terrassen en de mensen vluchten naar binnen. Helaas had ik, misleid door de zon, enkele ramen op de boot opengelaten. Toen we terugkwamen moest ik alles dweilen en drogen. In het badkamertje leek het wel of er iemand gedoucht had!

Dinsdag 25/8 besluiten we niet verder over de Randmeren te gaan, i.v.m. een zeer harde wind, windkracht 6. We verlaten Harderwijk en na het passeren van sluis de Blauwe Dromer (verval van 5m.) varen we door de Flevopolder richting het Ketelmeer. Voordat we daarop kunnen varen, moeten we door de Ketelsluis. We moeten wachten en als de sluisdeuren opengaan vaart er een sleepbootje uit. Als Hans gas wil geven om de sluis in te varen , gebeurt er niets. De gaskabel is kapot. Het waait heel hard en Hans gooit het anker uit, omdat we gevaarlijk dicht bij een enorme dukdalf komen. Maar het anker heeft geen grip op de bodem vlakbij de sluis. De man die net de sluis uit is gevaren, ziet ons tobben en we mogen een lange lijn aan zijn boot vastmaken. Hij sleept ons een stukje naar een steiger, waar een aantal boten liggen, maar waar nog plaats is. Met behulp van twee bootjesmannen krijgen we de boot aan de kant, want de wind is heel sterk en aflandig, dus dat helpt niet mee! Hans kijkt of de kabel is losgeschoten, gebroken of anderszins. Volgens hem is hij gebroken. Gelukkig is er op loopafstand een kleine werf. De monteur komt aan boord en de gaskabel is inderdaad gebroken. Dit komt door slijtage (de boot is 15 jaar oud). Gelukkig had hij de goede lengte gaskabel bij zich en na een half uurtje is alles gepiept. Het is inmiddels 6u en blijven we die nacht aan de steiger liggen.

 

Woensdag 26/8 vertrekken we bijtijds i.v.m. de harde wind die ’s morgens vroeg nog niet zo hard is. We moeten nl. na de Ketelsluis het Ketelmeer en het Ramsdiep over. Alles gaat goed ondanks de harde wind. Na de Voorstersluis gaan we de N.O. polder in. Daar hebben we minder last van de wind. Na de Marknessesluis, de Friese sluis en de Lemstersluis, varen we rond half vijf Lemmer binnen. Helaas ligt het er propvol, vaak twee of drie boten naast elkaar. We kunnen er echt niet meer bij. Gelukkig vinden we een eindje verderop nog een plaatsje en daar liggen we nu en maak ik dit reisverslag af. Morgen varen we richting Harlingen, waar we overmorgen weer zijn. We zijn dan 6 weken precies weggeweest, maar het lijkt veel langer! We hebben veel gezien, veel meegemaakt en goede vrienden bezocht. We hadden wat pech, maar dat kon altijd weer verholpen worden. Beter iets met de boot dan met ons.

We zijn nu 6 weken weggeweest en in juni/juli ruim 3 weken. Tot Lemmer hebben we 1065 km. gevaren in 6 weken en hadden we 63 sluizen. Alles ging goed, behalve wat technische dingen. Met ons alles goed en ook met poes Minoes. Die zal wel blij zijn met haar vrijheid in Harlingen!

 

Leuk, dat jullie onze avonturen wilden volgen. Tot volgend jaar!

 

Hans&Marjolijn en poes Minoes.